Actuele producties


De actuele producties vormen het huidige aanbod van Soratea, en zijn dan ook beschikbaar om geprogrammeerd te worden.
U kunt ook onze producties in het archief bekijken.

G.F. Haendel and the Duke of Chandos

programma voor koor, soli en kamerkorkest

Haendel in de kijker!


G.F. Haendel and the Duke of Chandos James Brydges (1674-1744), hertog van Chandos, bouwde op het landgoed van Whitchurch een indrukwekkende residentie, Cannon House. Tussen 1718 en 1721 leidde Georg Friedrich Händel (1685-1759) er de muziekkapel van de prachtige bijhorende kerk.

Händels 12 Chandos Anthems bouwen voort op de Engelse liturgische koortraditie. In dit programma komt het anthem O praise the Lord with one consent aan bod, een unicum in zijn soort. Dit wordt gevolgd door een instrumentaal concerto, welke ook de basis vormt van het anthem My song shall be alway.

Het prachtige en uitgebreide Chandos Te Deum vormt het hoofdwerk van dit concert. De instrumentale opbouw is vergelijkbaar met die van de anthems: vooral de hobo schittert er als solo-instrument. Het Te Deum bestaat uit acht delen en neemt daardoor de proporties aan van een mini-oratorium, waarbij solisten en koor elkaar voortdurend afwisselen en aanvullen. In alle stukken bezweert Händel de luisteraar met zijn virtuoos-doorwrochte, maar toch transparante koor- en orkeststijl.

In Te Domine Speravi

Een muzikale kruisweg
Programma voor koor, soli en instrumentaal consort

Bekijk/beluister een voorsmaakje van deze productie!


In Te Domine Speravi "In Te Domine Speravi" is een passieproject waarin twee kunstvormen elkaar inspireren en aanvullen: de schilderkunst en de muziek.

Voor het eerste luik van dit project doet het Ensemble Soratea een beroep op de Gentse kunstenaar Marc De Corte die de veertien staties van de kruisweg zal schilderen op groot doek. Geen traditionele vertolking van de kruisweg, maar wel één die de hedendaagse mens met zijn eigen problemen en noden als uitgangspunt neemt.
Het tweede luik is muzikaal van aard. De composities leggen de link naar het beeld en roepen op tot bezinning. Tijdens de verschillende muzikale werken worden de bijhorende beeldende taferelen geprojecteerd.

We putten zorgvuldig uit het Franse barokrepertoire voor de passietijd en kiezen voor werken die zelden of nooit worden uitgevoerd: Trois psaumes pour la semaine sainte (1699) en Messe des morts à 4 voix et Orchestre (H 10) van Marc-Antoine Charpentier (1643-1704).

Dit project staat garant voor een niet alledaags passieconcert waarin 17de-eeuwse Franse muziek versmelt met een geactualiseerde kruisweg. Het geheel wil een uitdrukking zijn van het alledaagse lijden.

Nichts Soll uns Scheiden von der Liebe Gottes

Cantates van Dietrich Buxtehude voor koor, koorsoli en kamerorkest

Nichts Soll uns Scheiden von der Liebe Gottes De lutherse koraalmelodieën liggen ten grondslag aan de evolutie van de religieuze muziek in Duitsland. De barokke cantates en passies uit de 17de en 18de eeuw waren haast altijd gebaseerd op koralen.

Ook organisten vonden steevast hun inspiratie bij de koraalmelodieën.

Dietrich Buxtehude (1637-1707) is één van de vele vroegbarokke componisten die in belangrijke mate heeft bijgedragen tot de ontwikkeling van de koraalcantate; in zijn handen bereikte de koraalcantate een eerste symbiose tussen het traditionele contrapunt, aria's en instrumentale ritornelli.

Ook het oeuvre voor orgel van Buxtehude geldt als een mijlpaal in de 17de-eeuwse klavierliteratuur.

Ave Regina Caelorum

Programma voor koor, soli en kamerorkest

Ave Regina Caelorum In 1701 verscheen in Augsburg een bundel vesperpsalmen van Johann Caspar Ferdinand Fischer (1656-1746). Patrick Debrabandere stelde een vesperdienst samen zoals deze waarschijnlijk weerklonk in het Noord-Duitse Schlackenwerth, waar deze vergeten componist 25 jaar lang kapelmeester was.

De vesperdienst wordt ingeleid door twee litanieën en drie hymnen ter ere van de Maagd Maria. Ze zijn afkomstig uit Fischers opus 5, gepubliceerd in 1711. Tijdens zijn opleiding in Dresden boog Fischer zich niet enkel over het strenge contrapunt, maar kwam hij ook uitgebreid in contact met de plechtstatige Franse stijl van Lully. Daarnaast ontsnapte hij niet aan het alles dominerende brio van de Italiaanse muziek.
Fischers stijl is niet enkel elegant en doorzichtig, maar weet ook te boeien door een doorwrocht en krachtig geconstrueerd contrapunt. Net als Buxtehude, Pachelbel en Kuhnau plaveide Fischer mee de weg voor J.S. Bach.

Recensie verschenen in het Brabants Dagblad van 3 mei 2007 nav. het openinsconcert van het festival :”maria … eeuwenlang bezongen” in het Jheronimus Bosch Art Center, ’s Hertogenbosch, op 1 mei 2007.

Krachtige koorklank in Maria-concert, door Marjolijn Sengers

[…] Fischers muziek is alleszins de moeite waard, blijkt uit de uitvoering door het Belgische Vocaal & Instrumentaal Ensemble Soratea .
[…] Soratea was de ideale pleitbezorger van deze vergeten klanken. Onder leiding van Patrick Debrabandere zong en speelde het een vesperdienst zoals die in de tijd van Fischer moet hebben geklonken.

De mooie, krachtige en - in deze akoestisch royale ruimte vérdragende - koorklank sprak direct aan, klonk zuiver, homogeen en transparant. Er werd sterk vanuit de tekst gezongen, wat deze psalmzettingen natuurlijk deed overkomen. [..]



Hammerschmidt versus Schutz

Programma voor Soratea Consort en basso continuo

Hammerschmidt versus Schutz Andreas Hammerschmidt (1611/12 – 1675) is als Duits componist en organist zonder twijfel één van de populairste componisten van zijn tijd en slaagt erin diezelfde compositorische verzoeningen te realiseren als zijn tijdgenoot Heinrich Schütz (1585-1672).

Schütz integreert zowel in zijn “Kleine Geistliche Konzerte” als in zijn "Geistliche Chormusik" de verworvenheden van de op affectieve expressie gerichte Italiaanse kunst, met name de madrigalismen en tekstuitdrukkingsmiddelen.

De "Musikalischen Andachten", een reeks van 5 bundels met meer dan 150 werken, behoren tot één van de hoofdcomposities van Hammerschmidt. De naam is niet toevallig ontstaan en doet sterk denken aan Schütz’ "Geistliche Konzerte" uit 1636. Nauwelijks drie jaar later wordt het eerste deel van de "Musikalischen Andachten" gedrukt.

In "Hammerschmidt versus Schütz" worden psalmen, koralen en motetten gecombineerd om alzo tot een congruent geheel te komen. Om dit geheel te bestendigen en ook om de instrumentale muziek van die tijd ten gehore te brengen, werd gekozen om dit te combineren met orgelmuziek.

Confessions

Programma voor Soratea Consort en altviool

Het Soratea Consort gaat de confrontatie aan tussen oud en nieuw. De Armeense toondichter Tigran Mansurian (°1939) en de Engelse componist William Byrd (1543-1623) lijken op het eerste zicht ver uit elkaar te liggen, maar delen eenzelfde voorliefde voor de imitatie-techniek. daarnaast slagen beide meesters erin om soberheid en overdaad op een eigenaardige manier te verzoenen.

Mansurians Confessing with Faith, gecomponeerd in 1998, gebruikt zeven gebeden uit het Armeense gebedenboek van St. Nerses Shnorhali. De 11de-eeuwse poëtische tekst is een testament van hoop dat Mansurian onderschrijft en versterkt.

William Byrd was een grootmeester van de polyfone kerkmuziek: de Mass for four voices is daarvan een mooie illustratie. In essentie vraagt een mistekst om ontferming en vergeving: daarom is hij zeer complementair met de inhoud van Mansurians tekstkeuze.

De muziek van beide componisten wordt getekend door een grote discipline en soberheid. Mansurian is nu eens lyrisch, dan weer onstuimig passioneel: hij schildert archaïsch-hemelse sferen met subtiel uitgewerkte altvioollijnen en haast ritueel herhaalde zangpartijen, Byrds beheerste en strakke polyfone lijnen vormen daarbij een waardig tegenwicht.

Nun lob mein Seel, den Herren

Programma voor koor,soli en basso continuo

Dit programma schetst de evolutie van de Duitse religieuze muziek in de 17de en eerste helft van de 18de eeuw. Johann Vierdanck en vooral de jongere Dietrich Buxtehude zijn voorname vertegenwoordigers van de Duitse componistengeneratie die in het kielzog van Heinrich Schütz aan het contrapunt en de traditionele koraalmelodiën een nieuw elan gaven.

De Zuid-Duitse Johann Caspar Ferdinand Fischer werd eerder geïnspireerd door de Italiaans-katholieke compositieschool.
Zijn litanieën, psalmen en antifonen worden gekenmerkt door vinnige tempo- en karakterwisselingen en een warm gevoel voor theatraliteit.

De twee strekkingen vinden een symbiose in het werk van Johann Sebastian Bach en zijn tijdgenoot Johann Friedrich Fasch.
Bachs ‘Nun lob mein Seel den Herren’ is een feestelijke afsluiter voor dit Teutoonse programma.